aanvang 14.30 uur – toegangsprijs: € 25,- per persoon
Florence Foster Jenkins – ontroerende en hilarische voorstelling
Huiskamer versie van de voorstelling ‘Viva la Diva’ waarmee Erik Brey en Frédérique Sluyterman van Loo in de theaters speelden.
In deze ontroerende voorstelling (75 minuten zonder pauze) spelen Erik Brey en Frédérique Sluyterman van Loo het waargebeurde verhaal van de legendarische operazangeres, die niet (héél erg niet) zingen kon en toch volle zalen trok. Lachte men haar uit?, of hielden ze van haar?, wist ze zelf dat ze slecht zong? Wat dacht ze toen ze haar eigen opnames hoorde? Waarom zeiden haar man en pianist niets?
Deze (a)muzikale tragikomedie neemt u mee in haar bizarre en kwetsbare bubbel.

_________________________
Florence Foster Jenkins (1868–1944) was een Amerikaanse sopraan die bekend werd vanwege haar gebrek aan zangtalent, gecombineerd met een onstuitbare drang om voor publiek op te treden.
Florence werd geboren in Pennsylvania. Als jong meisje wilde ze naar het buitenland om daar muziek te studeren, maar haar vermogende vader weigerde dat te betalen. Dus vertrok zij heimelijk met Frank Jenkins, een arts, naar Philadelphia, waar ze trouwden in het jaar 1885. Een jaar later bleek Florence syfilis opgelopen te hebben van haar man. Ze beëindigde hun relatie, maar behield de naam Jenkins. Van 1909 tot haar dood in 1944 had ze een relatie met de Britse Broadway-acteur St. Clair Bayfield (1875-1967) die tevens haar manager was.
Aanvankelijk verdiende ze de kost als lerares en pianiste tot haar vader’s dood in 1909. Toen erfde Florence een fortuin dat haar in staat stelde om haar zangcarrière weer op te pakken, waarvan zij was weerhouden door haar ouders en voormalige echtgenoot. Ze nam zanglessen en begon op te treden.
Al gauw bleek dat Florence geen enkel gevoel voor ritme of toonhoogte had. Niettemin werd zij enorm populair. Haar publiek waardeerde haar kennelijk meer om het amusement dat zij hen schonk dan om haar muzikale talent.
Florence’s optredens zijn wel eens bij de categorie camp ingedeeld, alsof ze bewust gebruik maakte van de onvolkomenheden in haar vertolkingen om het publiek te vermaken. Maar ondanks haar gebrek aan talent was Jenkins zelf heilig overtuigd van haar grootheid. Zij vergeleek zichzelf met vermaarde sopranen als Frieda Hempel en Luisa Tetrazzini en verwierp het hoongelach, dat vaak uit het publiek opsteeg tijdens haar optredens, evenals dat van haar rivalen, als ‘professionele jaloezie’.
Florence zong vooral uit het opera-repertoire van Mozart, Verdi en Strauss, alles ver voorbij haar technische kunnen. Ze droeg opvallende kostuums die zij zelf ontwierp; soms verscheen zij ten tonele met vleugeltjes en allerlei franjes. Vaak gooide ze bloemen in het publiek, onderwijl fladderend voor een ventilator waardoor de bloemen in haar haar meefladderden.
Na een ongeluk met een taxi in 1943 ontdekte zij dat ze de hoge F ‘fortississimo’ kon zingen. In plaats van een proces te beginnen zond zij de taxi-chauffeur een doos dure sigaren.
Ondanks de publieke wens voor meer optredens, beperkte Florence het aantal optredens tot een paar favoriete plekken, en haar jaarlijkse optreden in de balzaal van het Ritz Carlton Hotel in New York. Zij behandelde zelf de distributie van de felbegeerde toegangskaarten.
Op 76-jarige leeftijd gaf zij eindelijk toe aan de publieke wens om een optreden te geven in de 2800 zitplaatsen tellende Carnegie Hall in New York, op 25 oktober 1944. De kaartjes waren al weken van tevoren uitverkocht.
Er wordt wel beweerd dat Florence’s hele carrière een grote grap was, maar dat strookt niet met een andere bewering, namelijk dat haar dood een direct gevolg was van het hoongelach van critici en sarcastische recensies na haar optreden in Carnegie Hall.
Vijf dagen na dat concert kreeg Florence een hartaanval en overleed een maand later in haar woning in Manhatten.
